|
Een camper, kampeerauto, kampeerwagen, mobilhome, zwerfwagen of motorhome is een motorvoertuig dat is uitgerust om in te wonen of verblijven.
In tegenstelling tot een caravan heeft een camper een eigen aandrijving en hoeft niet getrokken te worden. Een camper hoeft dus niet te worden losgekoppeld en te worden vastgezet, voordat men hem kan gebruiken als woning.
De moderne campers zijn tegenwoordig volledig "zelfvoorzienend". Ze zijn uitgerust met een toilet, douche, schoonwatertank, vuilwater(opvang)tank, koelkast, warmwaterboiler etc. en kunnen, net zoals (zeil)jachten, dagenlang zonder aanvullende voorzieningen probleemloos van plaats naar plaats reizen. Deze vorm van toerisme levert geen extra belasting op voor het milieu en omgeving, er is wel nu en dan behoefte aan kleine voorzieningen, zoals (tegen een kleine vergoeding) schoon water kunnen innemen, toilet ledigen en het "grijze" afvalwater lozen op daarvoor bestemde plaatsen. Hiervoor bestaan in Europa al jarenlang een groot aantal camperplaatsen met sanizuilen of sanistations en worden er steeds meer nieuwe aangelegd.
Sommige campings hebben speciale staplaatsen voor campers dit kan zijn voor de camping of op de camping.
Campers bestaan in verschillende soorten, maar alle campers behoren te voldoen aan vastgestelde wettelijke inrichtingseisen voordat deze als kampeerauto op kenteken kan worden gezet. Een camper kan een eenvoudig omgebouwde bestelauto zijn, of een volledig fabrieksmatig geconstrueerde kampeerauto, maar ook een omgebouwde touringcar of vrachtwagen.
Een camper is comfortabeler dan een caravan en heeft een betere wegligging.
Nadeel van een camper is dat de reizigers, als ze zich ergens geïnstalleerd hebben, geen personenauto tot hun beschikking hebben voor uitstapjes. Campertoeristen hebben dan ook vaak fietsen of een kleine scooter bij zich .
Er zijn ook campertoeristen die ook nog een personenauto meenemen, die dan door een ander familielid wordt gereden, of als aanhangwagen achter de camper wordt getrokken.
|